Functie: Hoofd Huishouding
Organisatie: Werkt onder leiding van: Hoofd Civiele Dienst
Functiefamilies: Civiel Personeel
Indicaties voor de functiefamilie : Leiding en Ondersteuning
Resultaatgebieden:

Leiding

Betreft het begeleiden van medewerkers, het zorgdragen voor een effectieve en efficiŽnt organisatie en planning van de werkzaamheden, de werkmethoden, materialen en middelen, het coachen en beoordelen van de medewerkers en het toezien op de kwaliteit van het werk.

Prestatie-indicatoren:

Een evenwichtige werkverdeling
Het stellen van de juiste prioriteiten
De kwaliteit van het werk is goed
De continuÔteit van het werk is gegarandeerd
De onderlinge werksfeer is prettig
Het gedrag en de deskundigheid van medewerkers

Interieurverzorging

Betreft het schoonhouden, het verzorgen en het onderhouden van patientgebonden ruimten en de hal van bedrijf, het meubilair, de verlichting, de bewegwijzering en andere zaken die in deze ruimten een functionele en/of esthetische waarde hebben. Het al dan niet met collega's voorbereiden en uitvoeren van beleidsplannen en/of veranderingsprocessen.

Prestatie-indicatoren:

Alle patientgebonden ruimten en de hal zien er op alle momenten van de dag schoon en verzorgd uit
Alle lampen branden en de planten zijn goed verzorgd
Er staat geen rommel in de patientgebonden ruimten en de hal
De bewegwijzering staat op de juiste plaats en is actueel
De beleidsplannen zijn doordacht en sluiten aan bij de wensen van de organisatie Veranderingen worden zonder problemen ingevoerd

Ondersteuning

Betreft het ondersteunen van collega leidinggevenden bij het uitvoeren en ontwikkelen van beleid voor de Civiele Dienst gericht op de begeleiding van zieke medewerkers en medewerkers die een aangepaste functie uitoefenen, bij de begeleiding en het bewaken van de voortgang van reintegratietrajecten. Het in opdracht van of namens de leidinggevende onderhouden van contacten met functionarissen, die al dan niet rechtstreeks, betrokken zijn bij de begeleiding van vorengenoemde medewerkers en het behandelen van de daaruit voortvloeiende procedures en de administratie voor de leidinggevenden van de Civiele Dienst.

Prestatie-indicatoren:

Wordt door medewerkers en leidinggevenden veelvuldig geraadpleegd.
Leidinggevenden hebben meer tijd voor primaire leidinggevende taken
Oordeel over de adviezen en de ondersteuning
Verwijst en/of raadpleegt op tijd deskundigen.
Het initiŽren en onderhouden van het interne en externe netwerk.
Procedures en de administratie worden correct afgehandeld.
Toename van de motivatie en productie van medewerkers en leidinggevenden.

Beleidsvoorbereiding

Betreft het signaleren van patronen binnen de Civiele Dienst die een nadelige invloed hebben op de arbeidsomstandigheden en het werkklimaat van de medewerkers. Het stimuleren, initiŽren en uitwerken van beleid voor onderdelen en/of de gehele dienst die de negatieve uitwerking daarvan elimineren. Het doen verzorgen van voorlichting aan leidinggevenden en medewerkers over de arbeidsomstandigheden en het werkklimaat.

Prestatie-indicatoren:

Voorstellen en adviezen hebben een positieve invloed op arbeidsomstandigheden, het
ziekteverzuim en het werkklimaat.
Kennis van de werkzaamheden die binnen de dienst worden verricht.
Kennis van belastende arbeidsomstandigheden, regelgeving en procedures.
Uitstekend netwerk binnen en buiten de dienst.

Begeleiding

Betreft het binnen de Civiele Dienst begeleiden van zieke medewerkers en medewerkers die een aangepaste functie uitoefenen. Het reageren op vragen van leidinggevenden en op vragen van individuele medewerkers en groepen medewerkers die al dan niet een relatie hebben met de werksituatie.

Prestatie-indicatoren:

Afname van de gemiddelde ziekteduur en het aantal ziekmeldingen binnen de Civiele Dienst.
Spoedige en verantwoorde terugkeer in het arbeidsproces.
Treedt in voorkomende gevallen op als pleitbezorger van de zieke medewerker.
Oordeel over de verleende begeleiding van de leidinggevende en medewerker.

 

Denkbare kritieke situaties:

- Zonder duidelijk aanwijsbare oorzaken gaat er iets mis met het werk en de werkhouding van enkele voorheen goed functionerende medewerkers.
- De teamgeest is niet optimaal en het credo is ieder voor zich en dit heeft een nadelige invloed op de sfeer, de productie en leidt tot een hoog ziekteverzuim.
- Medewerkers zijn weinig gemotiveerd en er komen veel verzoeken voor overplaatsing.
- Leidinggevende eist het terugdraaien van een reintegratietraject van het sociaal team voor een zieke medewerker.
- Leidinggevende geeft allen maar opdrachten en vraagt nooit naar de mening van medewerkers.
- Het negeren van signalen van collega's en andere medewerkers.
- Het geven van onduidelijke instructies.
- Commanderen en de de baas van het ziekenhuis spelen.
- Herhaadelijk het beleid van de dienst openlijk tegenwerken.

 

Gedragscriteria:

Groepsgericht leiderschap

Prestatie-indicatoren:

Motiveert en inspireert de medewerkers
Stimuleert opleiding en ontwikkeling
Weinig of geen persoonlijke conflicten

Klantgerichtheid

Prestatie-indicatoren:

Presentatie, werkverzorging en betrouwbaarheid
Medewerkers en de winkel zijn goed bereikbaar
Mate van tevredenheid klanten
Mate van tevredenheid opdrachtgever

Luisteren

Prestatie-indicatoren:

Verkrijgt gewenste informatie.
Laat de ander uitspreken.
Pauzeert als een ander wil interrumperen.
Geeft een goede samenvatting van wat is gezegd.

Probleemanalyse

Prestatie-indicatoren:

Maakt toepasselijk onderscheid tussen hoofdzaken en bijzaken en analyseert deze.
Onderneemt actie wanneer een relevant probleem zichtbaar wordt.
Benut actief de voor het functioneren noodzakelijke informatiebronnen.

Mondelinge uitdrukkingsvaardigheid:

Prestatie-indicatoren:

Formuleert helder en duidelijk.
Gebruikt begrijpelijke taal en geeft relevante feiten duidelijk weer.
Toetst of de bedoeling van de boodschap wordt begrepen.

Samenwerken

Prestatie-indicatoren:

Positief kritische instelling
Mate waarin men vrijwillig meehelpt aan het werk van anderen
Samenwerking met andere afdelingen en functionarissen.

Integriteit

Prestatie-indicatoren

Is zich goed bewust van eigen normen en waarden en handelt consequent daar naar.
Geeft aan wanneer verwacht gedrag buiten de eigen normen en/of de beroeps- of organisatienormen valt.
Houdt aan normen vast, ook wanneer dit nadeel, spanning of conflicten met zich mee brengt.
Waarborgt privacy.

Organisatiesensitiviteit

Prestatie-indicatoren:

Ziet de probleem van een andere functie/organisatieonderdeel of medewerker.
Begrijpt en gebruikt de informele organisatie.
Waarschuwt voor consequenties buiten eigen functiegebied.
Heeft inzicht in de belangentegenstellingen en gaat er vaardig mee om.

Initiatief

Prestatie-indicatoren:

Doet uit zichzelf voorstellen, komt uit zichzelf met nieuwe ideeŽn
Signaleert problemen en komt met oplossingen

Sensitiviteit

Prestatie-indicatoren:

Voelt aan als iets pijnlijk ligt en toont dit in gedrag
Behandelt anderen met respect, laat anderen in hun waarde
Verwoordt gevoelens en belangen van anderen
Reageert op persoonlijke aanvallen door te sussen en de discussie op inhoud te voeren

Stressbestendigheid

Prestatie-indicatoren:

Blijft kalm bij tegenspel en onverwachte gebeurtenissen.
Blijft effectief functioneren onder zware tijdsdruk

Inzet

Prestatie-indicatoren:

Initiatieven voor aanpassingen
Ziet kansen in plaats van problemen
Toont enthousiasme en inzet

 

Overige competenties:

HBO en relevante vervolgopleiding
Relevante werkervaring
Goede contactuele eigenschappen

Laatst bijgewerkt 7-7-2007


Home RGW database competentieformulieren