Functie: Medisch Specialist

Organisatie: Werkt onder leiding van: Afdelingshoofd

Resultaatgebieden:

Diagnose

Betreft het klinisch en poliklinisch beoordelen en het indiceren van de noodzakelijkheid over te gaan tot een behandeling, een opname ter observatie of het geven van een advies. Het informeren van de patiŽnt en/of diens huisarts, andere verwijzer(s) over de consequenties van de onderzoeken.

Prestatie-indicatoren:

Houdt bij de bejegening van de patiŽnt rekening met sekse, leeftijd, levensbeschouwing en het cultuurpatroon van de patiŽnt.
Informeert de patiŽnt over het doel, de aard, de omvang en de procedure van het onderzoek.
Informeert de patiŽnt over de risicos van het onderzoek en de bijwerkingen
Begeleidt de patiŽnt bij het maken van een keuze op grond van een individuele afweging van de te verwachten voor- en nadelen.
Gaat na of de patiŽnt de informatie heeft begrepen en neemt maatregelen als de informatie niet duidelijk is.
Het onderzoek gebeurt conform het door de afdeling en het AZG vastgestelde beleid.
Het onderzoek geschiedt adequaat gelet op de huidige maatstaven van de medische wetenschap.
Krijgt voldoende accreditatiepunten om zich als medisch specialist te handhaven.
Medische kennis en vaardigheden zijn op het vereiste academische niveau en sluiten aan bij de recente ontwikkelingen op zijn medisch vakgebied
Raadpleegt waar nodig collega medisch specialisten, huisarts en andere hulpverleners.
Informeert de patiŽnt en/of diens huisarts, andere verwijzer(s) over de resultaten van de onderzoeken en over het al dan niet overgaan tot behandeling.
Mate van tevredenheid patiŽnt en verwijzer(s).

Behandeling

Betreft het klinisch en poliklinisch behandelen van die patiŽnten die op de gebruikelijke wijze aan zijn zorg worden toevertrouwd en waar nodig in teamverband en in nauwe samenwerking met andere specialisten en/of andere beroepsbeoefenaars.

Prestatie-indicatoren:

Houdt bij de bejegening en de behandeling van de patiŽnt rekening met sekse, levensbeschouwing en het cultuurpatroon van de patiŽnt.
Informeert patiŽnt over het doel, de aard, de omvang, de duur en de procedure van de behandeling.
Informeert patiŽnt over de risico's van de behandeling, de gevolgen en de bijwerkingen.
Begeleidt de patiŽnt bij het maken van een keuze op grond van een individuele afweging van de te verwachten voor- en nadelen.
Adviseert de patiŽnt over de noodzakelijke veranderingen in leefwijze en gedrag ten gevolge van de behandeling en/of medicatie.
Gaat na of de patiŽnt de informatie heeft begrepen en neemt maatregelen als de informatie onvoldoende begrepen wordt.
De behandeling geschiedt conform het door de afdeling en het AZG vastgestelde beleid.
De behandeling geschiedt adequaat gelet op de huidige maatstaven van de medische wetenschap.
Controleert in hoeverre de behandeling voortgezet moet worden.
Medische kennis en vaardigheden zijn op het vereiste academische niveau en sluiten aan bij de recente ontwikkelingen op zijn medisch vakgebied.
Raadpleegt waar nodig collega medisch specialisten en andere specialisten.
Mate van tevredenheid patiŽnt en verwijzer(s)

Informatieverstrekking

Betreft het informeren en adviseren van de patiŽnt, hun relaties en de andere bij de diagnose en behandeling betrokken beroepsbeoefenaars. Het geven van informatie aan de relaties van de patiŽnt, verwijzers en patiŽntenverenigingen m.b.t. de medische aspecten van het beloop van de aandoening of ziekte. Het regelen van een goede communicatie hierover tussen patiŽnt en de behandelend artsen, voorzover dit bij draagt tot een goede kwaliteit van de medische zorg.

Prestatie-indicatoren:

Houdt rekening met de leeftijd, sekse, levensbeschouwing van de patiŽnt.
Leeft zich zo goed mogelijk in de situatie van de patiŽnt, hun relaties en andere hulpverleners.
Is beschikbaar en toegankelijk voor patiŽnten, collega's, verwijzers en overigen.
Mate van tevredenheid patiŽnten, verwijzers, collega's en andere direct belanghebbenden

Documentatie

Betreft het registreren van de voor de diagnostiek en de behandeling relevante gegevens, patienten- informatie in een medische dossier.

Prestatie-indicatoren:

Registreert de patienteninformatie volledig, duidelijk en tijdig.
Registreert patienteninformatie conform de wettelijke regels en de door de afdeling en het AZG vastgestelde regels, procedures en aanwijzingen.
Informeert patiŽnt op verzoek welke gegevens worden vastgelegd, de wijze waarop en de bewaartermijn.
Informeert patiŽnt op verzoek over het inzagerecht, het kopierecht en het recht om gegevens tecorrigeren c.q. aan te vullen.

Wetenschappelijk Onderzoek

Betreft het verrichten van toegepast en/of fundamenteel onderzoek betreffende het eigen medischspecialisme, het participeren in het fundamenteel en/of toegepast onderzoek van andere beroepsbeoefenaars en het begeleiden van promovendi.

Prestatie-indicatoren:

Duidelijk geformuleerde doelen in het onderzoeksvoorstel.
Heeft een duidelijk onderzoeksplan met aandacht voor de tijdsinvestering, de duur, de kosten en de andere benodigde middelen.
Het aantal, de aard en de kwaliteit van de verrichte onderzoeken en/of de gepubliceerde artikelen.
De tijd gelegen tussen het begin van een onderzoek en de resultaten en/of publicatie.
Heeft en onderhoudt een goed nationaal en internationaal netwerk.
De kwaliteit, het praktische effect en/of de wetenschappelijke waarde van het onderzoek.
Mate van tevredenheid opdrachtgevers, collega-onderzoekers en promovendi.

Kennisoverdracht

Betreft het geven van onderwijs en practica voor studenten van medische, medisch-specialistische en paramedische opleidingen, het organiseren van refereeravonden en voorlichtingsactiviteiten, presentaties en/of publicaties.

Prestatie-indicatoren:

De geformuleerde leerdoelen worden bereikt.
Zorgt voor uitbreiding en vergroting van zijn kennis o.m. door het volgen van cursussen.
Het onderwijs en het gepresenteerde sluit aan bij de meest recente ontwikkelingen in het vakgebied.
Blijft op de hoogte van relevante vernieuwingen in kennis, vaardigheden en techniek.
Het aantal, het nut en de kwaliteit van de presentaties en voordrachten.
Is een goede coach voor onderzoeksmedewerkers en collega onderzoekers.
Zet zich in voor het verbeteren en onderhouden van de interdisciplinaire samenwerking.
De informatie en instructie is duidelijk, volledig en actueel.
De verstrekte informatie en instructie is overgekomen en wordt opgevolgd.

 

 Denkbare kritieke situaties:     

- Luistert geduldig naar patiŽnt die door emoties niet uit de woorden kan komen.
- Geeft duidelijke verklaringen aan patiŽnten die om uitleg vragen.
- Gebruikt protocollen waar dat is aangewezen en wijkt gemotiveerd af om een betere kans op een     goed herstel te krijgen.
- Spanningsveld tussen de belangen van de patient en de vastgestelde kaders van het AZG en de afdeling.
- Meningsverschillen met collega's over de behandeling.
- Stemt de hulpverlening af op de reŽle individuele behoefte van de patiŽnt en consulteert zo nodig collega's.
- Respecteert de rechten en positie van patiŽnten, zoals deze voortvloeien uit regelgeving en rechtspraak.
- Informeert de patiŽnt duidelijk over diens gezondheidstoestand en de hulpverlening die hij voorstelt.
- Betrekt de patiŽnt bij te nemen beslissingen over (verdere) behandeling.
- Dringt niet verder door tot de privť-sfeer van patiŽnt dan in kader van de hulpverlening noodzakelijk is.
- Informeert desgevraagd de patiŽnt over de mogelijkheden tot het indienen van een klacht.
- Is tegenover patiŽnt verantwoordelijk voor continuÔteit van de hulpverlening.
- Is altijd goed bereikbaar en stipt in het nakomen van afspraken.

 

 Gedragscriteria:

Klantgerichtheid

Prestatie-indicatoren:

Toetst of hij begrepen heeft wat de ander wilde zeggen.
Spreekt in begrijpelijke taal.
Vermijdt vaktaal of legt een begrip uit de vaktaal duidelijk uit.
Gaat na of er misschien nog vragen zijn bij de patienten.
Kijkt de patiŽnt aan wanneer deze dienstverlening vraagt.
Geeft een helder beeld van wederzijdse verwachtingen.
Geeft duidelijk aan wat de volgende stap van de dienstverlening inhoudt.
Toont begrip voor de wensen en belangen van een patiŽnt.
Vraagt door, overtuigt zich van de bedoeling van een vraag.
Levert maatwerk voor de klant, met diens belang als uitgangspunt.
Maakt duidelijke afspraken en zorgt voor follow-up.
Aanvaardt verantwoordelijkheid voor geleverde diensten en met name voor gemaakte fouten.
Reageert op klacht met prompt herstel, zonder defensief gedrag.

Luisteren

Prestatie-indicatoren:

Laat de ander uitspreken.
Houdt voortdurend contact met de gesprekspartners.
Pauzeert als een ander wil interrumperen.
Geeft door gedrag en houding blijk van interesse in wat de gesprekspartners inbrengen.
Reageert op lichaamstaal en verbale signalen met relevante vragen.
Toetst of hij begrepen heeft wat de ander wilde zeggen.
Geeft een goede samenvatting van wat is gezegd.
Vraagt opheldering, reden of oorzaak als wat de ander zegt niet helder is.
Stelt vragen als hij de indruk heeft dat de ander nog niet alles heeft gezegd.
Komt terug op wat eerder door gesprekspartners is gezegd.

Samenwerken

Prestatie-indicatoren:

Doet eventueel concessies als het er om gaat tot een gezamenlijk resultaat te komen.
Helpt anderen hun eigen doelen te bereiken.
Stelt gezamenlijk belang boven eigen belang.
Steunt voorstellen van anderen, bouwt daarop voort in de richting van een gemeenschappelijk doel.
Blijft meedenken, levert bijdragen, ook wanneer er geen sprake is van een persoonlijk belang.
Zet zich in voor het bereiken van win/win opties.
Uit zich positief over prestaties van een collega.
Helpt collega's, biedt hulp aan.
Doet iets waardoor de spanningen in een groep verminderen.
Vraagt hulp bij conflicten en problemen.

Sensitiviteit

Prestatie-indicatoren:

Verwoordt gevoelens en behoeften van anderen.
Begrijpt dat iets pijnlijk ligt voor een ander en reageert daarop met adequaat gedrag.
Laat zien dat hij begrip heeft voor en rekening houdt met doelstellingen, wensen of belangen van de ander.
Laat merken dat men elkaar niet begrijpt, wanneer er langs elkaar heen wordt gepraat.
Toont respect voor gevoelens en principes van een ander, ook wanneer er sprake is van weerstand.
Past zijn gedrag aan dat van de ander aan.
Houdt er in zijn voorbeeldgedrag en bij het geven van aanwijzingen zorgvuldig rekening mee dat uitingen van een deskundige of van een hulpverlener zeer grote invloed hebben op de ander.
Houdt zich bij de essentie van de zaak, vraagt niet naar zaken of persoonlijke omstandigheden die niet van rechtstreeks belang zijn voor de behandeling.
Toont begrip voor afwijkende standpunten, omgangsvormen, gewoonten.
Heeft respect voor de persoonlijkheid en de mogelijkheden van patiŽnten.
Houdt zorgvuldig rekening met de grote invloed van meningen en daden van de hulpverleners.

Aanpassingsvermogen

Prestatie-indicatoren:

Houdt overzicht bij onverwachte gebeurtenis.
Stelt zich snel in op een nieuwe situatie.
Herziet een eerder ingenomen standpunt als dat nodig is voor een goede voortgang van het werk. of voor het verbeteren van onderlinge verhoudingen.
Heeft ruimte, begrip en respect voor andere dan eigen ideeŽn en gebruiken.
Heeft bij verandering oog voor prioriteiten.
Speelt effectief in op nieuwe en onverwachte veranderingen of opdrachten.
Kiest een nieuw doel wanneer dat nodig is.
Werkt mee bij veranderingen.
Voert een nieuwe taak goed uit, stelt de oude manier van werken handig bij.
Voelt zich bij wisselende omstandigheden op zijn gemak.
Werkt in een crisissituatie de essentiŽle zaken goed af.
Past eigen planning, beleid, beslissingen en dergelijke aan wanneer nodig.

Initiatief

Prestatie-indicatoren:

Vraagt uit zichzelf nadere informatie.
Handelt overwegend proactief.
Start uit zichzelf nieuwe activiteiten.
Grijpt een kans aan.
Neemt het voortouw in discussies.
Is actief in woord en gedrag.
Komt uit eigen beweging met een nieuw plan of een nieuwe oplossing.

Probleemanalyse

Prestatie-indicatoren:

Ziet in een vroeg stadium dat er problemen aan gaan komen en signaleert die.
Komt, als een probleem zichtbaar wordt, in actie door te zorgen voor informatie en/of een plan voor te ondernemen stappen.
Stelt logisch en methodisch vast waar een probleem zit en bepaalt evenzo de oorzaak ervan.
Benut actief de voor het functioneren noodzakelijke informatiebronnen.
Legt verbanden tussen verschillende informaties uit allerlei bronnen over relevante situaties en problemen.
Onderzoekt het probleem, verzamelt informatie over achtergronden en oorzaken voordat er tot verdere actie wordt overgegaan.
Gebruikt verschillende manieren om ingewikkelde problemen aan te pakken en relevante informatie te verkrijgen.
Ziet dat informatie ontbreekt, gaat op zoek naar aanvullende informatie.
Maakt onderscheid tussen informatie over de feiten en meningen of interpretaties.
Analyseert processen waardoor problemen ontstaan.
Maakt duidelijk en toepasselijk onderscheid tussen hoofdzaken en bijzaken.
Benoemt de oorzaken van problemen die zich voordoen.
Maakt verschil tussen symptomen en oorzaken duidelijk.
Integreert nieuw verworven inzichten met bestaande kennis en informatie.


Oordeelsvorming

Prestatie-indicatoren:

Gaat niet over ťťn nacht ijs
Gaat uit van feiten Benoemt bij keuzen alternatieven en de consequenties daarvan.
Benoemt zowel voor- als nadelen.
Houdt rekening met alle relevante aspecten of kenmerken van het probleem.
Betrekt mogelijke neveneffecten in overwegingen
Betrekt de juiste instanties en de juiste mensen bij de zaak.
Volgt niet klakkeloos meningen of adviezen van deskundigen en belanghebbenden.
Motiveert eigen oordeel of beslissing.
Oordelen zijn te herleiden tot bekende feiten, beschikbare informatie en geldige argumenten.
Heroverweegt beslissingen indien omstandigheden of ontwikkelingen daartoe aanleiding geven.
Geeft voorbeelden van achteraf juiste inschattingen van moeilijke situaties.

Stressbestendigheid

Prestatie-indicatoren:

Raakt bij ernstige storing of fout niet ontregeld.
Blijft zakelijk en kalm als er fors weerstand wordt geboden of op de man wordt gespeeld.
Checkt op het laatste moment nog of er foutjes zijn gemaakt.
Blijft gestructureerd werken wanneer verschillende mensen tegelijk een beroep doen op dienstverlening.
Blijft goed functioneren onder snel veranderende of belastende omstandigheden.
Neemt verantwoordelijkheid nadat een fout is gemaakt.
Gaat goed om met momenten van stilte of verwarring.
Herstelt zich snel bij tegenslag of pech.

Energie

Prestatie-indicatoren:

Ziet niet op tegen extra werk.
Houdt onder aanzienlijke belasting lang vol.
Werkt na zware inspanning de taak gedegen af.
Heeft naast belastend werk nog nevenactiviteiten.

Integriteit

Prestatie-indicatoren:

Neemt verantwoordelijkheid voor het eigen handelen.
Is zich goed bewust van eigen normen en waarden en handelt daar consequent naar.
Handelt consequent volgens de beroepscode.
Wijst andere gedragingen af.
Staat voor gedane toezeggingen en verplichtingen.
Geeft open informatie in zaken die veiligheidsrisico's van patiŽnten, bezoekers en medewerkers betreffen.

 

Overige competenties:

Bewijs van Uitoefenen Geneeskunst
Registratie SRC als medisch specialist

 

Loopbaanmogelijkheden:

Instroomfuncties:

Arts-assistent in opleiding tot Medisch Specialist
Medisch Specialist

Horizontale mobiliteit:
Medisch Specialist ander ziekenhuis of andere praktijk
Onderzoeker
Medisch Inspecteur

Verticale mobiliteit:
Afdelingshoofd
Chef de Clinique
Hoofd Onderafdeling of Aandachtsgebied


Auteur: Rudi Hilberts. Laatst bijgewerkt 8 augustus 2007
Home Database competentieprofielen