Twee bijzondere competenties: Tolerantie en Respect.
Tolerantie is gedrag waarbij aan anderen wordt toegestaan zich te gedragen, te uiten en te leven zoals zij dat willen, zonder enige inmenging.
Dit is op zichzelf wel helder, maar om tolerant gedrag te kunnen interpreteren moet men weten welke instelling, welke houding, speelt bij bij degene die het tolerante gedrag vertoont. De instelling daarbij kan namelijk varieren van ongevoeligheid, onverschilligheid, indifferentie en moed en hun tegenstellingen: overgevoeligheid, betrokkenheid lafheid, tot geduldig, lijdzaam verdragen wat de ander aan angsten of onlustgevoelens bij anderen oproept. Meestal is het een mengeling daarvan. En dan is het zelfs voor een geoefende waarnemer vaak nog niet duidelijk welke instelling op de achtergrond een rol speelt bij het waargenomen gedrag. Er kan hierbij immers een gewoon toneel gespeeld worden voor de buitenwacht. En een directe vraag hierover aan de betrokkene hoeft niet persé de waarheid op te leveren.
Er zijn hiervoor natuurlijk remedies. Bijvoorbeeld: uitingen van tolerant gedrag over langere perioden observeren en -standaard- de uitspraak van betrokkene over de grondslag van het gedrag zonder meer accepteren.
Maar in feite betekent dit dat de competentie tolerantie, evenals incidenteel waargenomen tolerant gedrag, nog weinig betekent als men niet weet met welke intentie het tolerante gedrag samengaat, om welk specifiek gedrag of uiting van de ander het gaat en in welke mate die getolereerd wordt.
In welke mate want tolerantie heeft zijn grenzen. De grenzen aan tolerant gedrag worden bepaald door persoonlijke normen en waarden, die gekoppeld zijn aan de competentie Integriteit. In feite gaat het telkens om een afweging en het instellen van een balans.
Onbegrensde tolerantie zou immers gewoon slapheid kunnen zijn,leiden tot verlies aan integriteit en uiteindelijk zelfs tot medeplichtigheid aan machtsmisbruik, onderdrukking, schending van mensenrechten, misdaad en moord.
Dit komt er op neer dat een beoordeling van de gedragscompetentie Tolerantie samen moet gaan met een beoordeling van de competentie Integriteit opdat vastgesteld kan worden in hoeverre het vertoonde tolerante gedrag zich verhoudt tot relevante persoonlijke en algemene normen en waarden.
Respect is gedrag waarbij men uiterlijk bewondering toont en eer bewijst aan de ander of aan diens gedachtengoed. Respect verwijst naar een houding van eerbied, nederigheid, ondergeschiktheid aan de ander, aan diens macht en/of aan diens gedachtengoed.
Onverschilligheid voor de ander en diens gedachtengoed is geen basis voor respect.
Respect gaat verder dan tolerantie, maar ook de gedragscompetentie respect heeft zijn grenzen grenzen. Onbegrensd respect zou leiden tot schade aan de persoonlijkheid door verlies van identiteit en zelfrespect.
Dit betekent dat een beoordeling van de gedragscompetentie Respect pas betekenis krijgt als die samen gaat met een beoordeling van de competenties Oordeelsvorming en Autonomie
Balans
Wat beide bijzondere competenties Tolerantie en Respect op deze plaats bijeenbrengt is dat het in beide gevallen gaat om het instellen van een balans. Men moet telkens weer een persoonlijke positie innemen die enerzijds beïnvloed wordt door de aantrekkingskracht van eigen en/of door de heersende cultuur bepaalde ideeën, voorkeuren, meningen, wensen, voorgeschreven gedrag, etc. terwijl men anderzijds sterk de invloed van spanningen ondervindt die worden opgeroepen door iets dat door de buitenwereld wordt gevraagd of soms opgelegd. Wanneer de persoonlijke balans goed is ingesteld kan men zich (voor dat moment) tevreden voelen over de ingenomen positie.
U kunt reacties, vragen en tips over resultaatgericht werken en resultaatgerichte aansturing toezenden naar: Wim van Osch